Het NOS journaal Deel 3: Ebola

Voor het derde deel van deze serie over het NOS journaal wilde ik kijken naar de manier waarop er wordt omgegaan met de oorlog in Syrië en de ebola-uitbraak in West-Afrika. Gebeurtenissen die lang duren en niet in een paar uitzendingen kunnen worden behandeld. 

Dit artikel maakt deel uit van een serie artikelen over het NOS-Journaal. Lees hier deel 1deel 2. deel 4 en deel 5

Een bomaanslag is mooi. Hij vindt plaats, maakt doden en gewonden en wordt opgeëist. Daarna is het voorbij en gaan we door naar de volgende bomaanslag. Het journaal kan redelijk terecht zeggen dat dit nieuws nu belangrijk is. Bij een slepende kwestie als een oorlog kan dat alleen in het begin. Er gebeurt iets nieuws. We zitten er bovenop. We sturen onze correspondenten en vragen ons af wat deze situatie voor Nederland betekent. Maar niet jarenlang. Elke dag dezelfde Kalasjnikovs op dezelfde tanks zien schieten wordt al snel saai.

Na een enthousiast begin lijkt het soms zelfs alsof het journaal zulke gebeurtenissen compleet vergeet. Is de oorlog soms afgelopen? Is ebola al ingeperkt? Het heeft er de schijn van dat de aandacht voor langdurende onderwerpen na een tijdje op is. In dit derde deel was het mijn bedoeling om te kijken of dat klopt. Was er een punt waarop de aandacht voor Syrië of ebola stopte en na hoeveel tijd gebeurde dat dan? Om met een goed antwoord te kunnen komen op deze vragen wilde ik eerst weten hoe het journaal begon met de berichtgeving over ebola. En terwijl ik daarmee bezig was, stuitte ik op iets anders.

Het ebola-virus werd voor het eerst beschreven in 1976. Sindsdien zijn er zo’n 25 grote en minder grote uitbraken geweest, voornamelijk in Congo. De huidige uitbraak begon echter in West-Afrika, waarschijnlijk in Guinea in december 2013. Zo’n drie maanden later, op 25 maart 2014, kwam de World Health Organization met het eerste rapport over slachtoffers van het virus. Senegal sloot haar grens met Guinea om verspreiding tegen te gaan en een Amerikaans medisch team werd richting het gebied gestuurd om te helpen bij de inperking. Kort daarna sloeg de ziekte over naar Sierra Leone en Liberia.

Begin augustus maakte de Wereldbank bekend dat ze 200 miljoen dollar beschikbaar zou stellen voor noodhulp. Bovendien bestempelde de WHO de uitbraak als een internationale medische noodsituatie. Naar aanleiding daarvan komt het journaal op 8 augustus met een bericht. Rik van de Westelaken legt bondig uit waar de uitbraak plaatsvindt, wat de ziekte inhoudt en hoe die bestreden wordt. Er volgt een reportage over strenge grenscontroles en artsen bij vliegveldpoortjes en er komt een expert van het LUMC aan het woord die vertelt hoe paraat Nederland is voor het behandelen van ebola-patienten. Het is een goed bericht. Geen vooroordelen, geen clichés. Er is niks op aan te merken. Op één ding na. Waarom kwam dit nieuws niet eerder?

Aan het eind van augustus zijn er volgens de WHO in totaal al bijna 2000 mensen gestorven aan ebola en dat was waarschijnlijk een onderschatting. Daarnaast zijn in meer dan tien landen besmettingsgevallen gemeld. Natuurlijk is het achteraf makkelijk om te zeggen dat de NOS eerder over ebola had moeten beginnen. Maar als je Artsen Zonder Grenzen in juni over een virus in West-Afrika hoort zeggen dat die “totally out of control” is, moet je er als nieuwsorganisatie misschien toch even naar kijken. En het wordt vreemder.

Pas een maand later, op 14 september, komt de NOS met een tweede bericht over het virus. Opnieuw is er inhoudelijk niks op aan te merken. Er wordt vooral stilgestaan bij de besmettingsangst die er in Liberia heerst en hoe die de samenleving ontwricht. Maar waarom een maand later? In die maand is het aantal bekende ebola-gevallen verdubbeld van 4000 naar 8000. Het toppunt is dat het programma Nieuwsuur, dat nota bene gemaakt wordt door de NOS, op 2 april en later op 3 juli al aandacht besteedde aan ebola. Ze lagen daarmee 1900 doden voor op hun collega’s bij het journaal. Ik kijk voortaan naar Nieuwsuur.

Dit stuk had vooral moeten gaan over de mogelijk afnemende interesse van de NOS voor lange gebeurtenissen. Het veranderde echter al snel in een stuk over de enorme vertraging waarmee er over ebola werd bericht. Dat betekent niet dat ik de oorspronkelijke vragen nu maar links laat liggen. Ik wil nog steeds weten of de aandacht voor Syrië of ebola na verloop van tijd afnam. In deel vier hoop ik daar meer over te kunnen vertellen.

Tenminste, als we dan nog niet gestorven zijn aan een bacteriële infectie die al jaren onvermeld voortwoekert.

De foto is een screenshot uit het NOS Journaal van 8 augustus 2014.
Macbook Pro
* Intel Core i7 (3.8GHz, 6MB cache)
* Retina Display (2880 x 1880 px)
* NVIDIA GeForce GT 750M (Iris)
* 802.11ac Wi-Fi and Bluetooth 4.0
* Thunderbolt 2 (up to 20Gb/s)
* Faster All-Flash Storage (X1)
* Long Lasting Battery (9 hours)
Help ons groter worden!
Onze site is gratis voor iedereen en dat willen we graag zo houden. Graag willen we je vragen onze facebookpagina leuk te vinden. Zo kunnen wij blijven groeien en mis jij geen van onze artikelen! Alvast bedankt en veel leesplezier, het Young Critics-team :-)
YOUNG CRITICS
Non-actief
Op dit moment wordt geen nieuwe content geplaatst op de site. We zijn op de achtergrond bezig met reorganiseren van onze redactie- en publicatiestructuur. In de tussentijd kun je uiteraard onze oude stukken gewoon op de site lezen. Tot snel! Het YC-team.
Bedankt, we nemen z.s.m. contact met je op.